BRO - Basisregistratie Ondergrond

De Basisregistratie ondergrond (BRO) bevat gegevens over de ondergrond, zoals informatie over grondwater (kwaliteit-kwantiteit en gebruik), bodemopbouw en mijnbouw. De BRO maakt gegevens over de ondergrond gestandaardiseerd beschikbaar voor zowel de overheid, particulieren als commerciële partijen.

De Nederlandse ondergrond wordt intensief gebruikt, o.a. voor drinkwaterwinning, ondergronds transport en delfstoffenwinning. De toestand van de ondergrond is ook van belang voor bovengrondse activiteiten zoals stedenbouw, woningbouw en de aanleg van infrastructuur. Diverse bedrijven en overheidsorganisaties winnen dan ook gegevens in over de ondergrond voor het opstellen van beleid, het uitvoeren daarvan en voor onderzoek. Echter, het beheer van deze gegevens ligt bij verschillende organisaties. Mede daardoor zijn de gegevens niet op een gestandaardiseerde en geharmoniseerde manier digitaal beschikbaar en zijn ze niet optimaal uit te wisselen of te hergebruiken.

De BRO zorgt ervoor dat gegevens over de ondergrond die onder verantwoordelijkheid van overheden ontstaan, voortaan gestandaardiseerd en op één centrale plek worden geregistreerd, beheerd en beschikbaar gesteld voor hergebruik. Zo stimuleert de overheid hergebruik van deze gegevens.

 

Geonovum is trekker voor het maken van de standaarden van de BRO. Wij doen dit in samenwerking met TNO Geologische Dienst Nederland en externe materiedeskundigen uit diverse werkvelden. Het kantoor van Geonovum is hun gezamenlijke uitvalsbasis.

Voortbouwen op bestaande registraties

De Basisregistratie Ondergrond wordt gefaseerd ingevoerd en bouwt verder op twee bestaande registraties:

  1. Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond (DINO) van de Geologische Dienst Nederland - TNO (GDN TNO);
  2. Het Bodemkundig InformatieSysteem (BIS) van Wageningen Environmental Research (WERN).

Welke gegevens bevat de LV-BRO?

De Landelijke Voorziening BRO (LV-BRO) bevat gegevens over de diepe en ondiepe ondergrond. Deze gegevens zijn gegroepeerd in zes ‘registratiedomeinen’:

  1. Bodem- en grondonderzoek;
  2. Bodemkwaliteit;
  3. Grondwatermonitoring;
  4. Grondwatergebruik;
  5. Mijnbouwwet;
  6. Modellen.

Deze zes domeinen zijn op hun beurt onderverdeeld in 28 ‘registratieobjecten’ waarvoor wij de standaarden opstellen.  Onder het registratiedomein ‘Bodem- en grondonderzoek’, vallen bijvoorbeeld de registratieobjecten ‘Geotechnisch sondeeronderzoek’ en ‘Booronderzoek’.

Gegevens over parkeergarages, kelders, tunnels, kabels en leidingen staan niet in de BRO. Ook gegevens over bodemhygiëne zijn geen onderdeel van het huidige programma BRO.

Welke standaarden zijn er?

De inhoud van de BRO wordt in tranches (fasen) gerealiseerd. In elk tranche staan een paar registratieobjecten centraal waarbij we de standaarden voor deze objecten opstellen.  Voor de volgende registratieobjecten zijn de standaarden inmiddels beschikbaar voor gebruik:

  1. Bodemkundige Boormonsterbeschrijving is onderdeel van het domein Bodem- en grondonderzoek. Dit registratieobject geeft inzicht in de bodemkundige opbouw van het meest ondiepe deel van de bodem en ondergrond met behulp van een boring.
  2. Geotechnisch Sondeeronderzoek is onderdeel van het domein Bodem- en grondonderzoek. Tijdens het geotechnisch sondeeronderzoek wordt gemeten hoeveel weerstand de conus (kegelvormige punt op een staaf) op de weg naar beneden ondervindt. In Nederland worden deze gegevens grotendeels gebruikt voor het ontwerpen van funderingen, maar de resultaten kunnen ook veel breder worden ingezet.
  3. Grondwatermonitoringput is één van de registratieobjecten in het domein grondwatermonitoring. Het betreft de putconstructie die gebruikt wordt om onder andere de kwantiteit (grondwaterstanden) en de kwaliteit (samenstelling) van het grondwater te meten. De registratieobjecten ‘grondwaterkwaliteit’ en ‘grondwaterkwantiteit’ worden later toegevoegd in de BRO.
  4. Mijnbouwwetvergunning is onderdeel van het domein mijnbouwwet. In de mijnbouwwetvergunning is vastgelegd aan welke partij de minister van Economische zaken en Klimaat het recht heeft gegeven een bepaalde mijnbouwactiviteit (opsporing, winning of opslag) uit te voeren in een bepaald deel van het gebied dat Nederland en zijn Exclusieve Economische Zone omvat. De mijnbouwwetvergunning is een van de registratieobjecten in het domein mijnbouwwet. De Mijnbouwwet reguleert het gebruik van bestaansbronnen in de diepe ondergrond.

De standaarden voor de registratieobjecten in de BRO, bestaan uit de volgende documenten:

  • De catalogus;
  • Handboek voor inname en uitgifte van gegevens;
  • Koppelvlakbeschrijvingen voor inname en uitgifte van gegevens met behulp van een webservice en API.

De catalogus beschrijft de gegevensinhoud van een registratieobject en vormt de basis voor het handboek en de koppelvlakbeschrijving. De catalogus bevat de definitie en samenhang van gegevens van het desbetreffende registratieobject en beschrijft de regels waaraan de informatie moeten voldoen.

Het handboek beschrijft het proces bij inname of uitgifte van gegevens. Het handboek geeft leveranciers van gegevens inzicht in de stappen die in het proces worden doorlopen. Denk aan uitleg over de gehanteerde begrippen, de keuzes die een dataleverancier moet maken als hij gegevens wil aanbieden namens een bestuursorgaan of bronhouder en welke gegevens een dataleverancier moet meesturen met zijn verzoek en welke gegevens hij kan verwachten als antwoord.

De koppelvlakbeschrijving gaat in op de technische kant van de overdracht van de gegevens van het registratieobject. Een koppelvlakbeschrijving beschrijft hoe een softwareontwikkelaar een webservice of API’s kan aansluiten tussen het systeem van de afnemer en het systeem van de BRO. Dit document is voornamelijk gericht op technici die kennis hebben van XML en webservices.

Wie gaan er straks met de standaarden werken?

In principe gaat iedereen die met de ondergrond te maken heeft en ondergrondgegevens gebruikt of produceert met de standaarden uit de BRO te maken krijgen. Met name bronhouders, hun toeleveranciers en partijen die namens bestuursorganen de BRO gebruiken moeten op de hoogte zijn van deze standaarden. Binnen de BRO hebben de meer dan 450 bronhouder organisaties een belangrijke rol. Als bronhouders zijn zij verantwoordelijk voor het inwinnen en bijhouden van de gegevens in de BRO en voor het borgen van de kwaliteit van die gegevens. Deze organisaties zullen erop moeten toezien dat de standaarden die voor de BRO zijn opgesteld, worden toegepast. Het gaat hier onder andere om de volgende partijen:

  • Gemeenten
  • Provincies
  • Waterschappen
  • Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat
  • Rijkswaterstaat
  • Staatsbosbeheer

Starterspakket voor bronhouders

Om de implementatie van de BRO voor bronhouders gemakkelijker te maken, is een starterspakket opgesteld: