Geo Gebruikersfestival 2017: Hoe bevorderen wij het gebruik van geo-informatie?

Geo Gebruikersfestival
07 november 2017

Best leuk om eens op de stoel van een gedeputeerde te zitten in de Statenzaal van het Provinciehuis van Zuid-Holland. Maar daar ging het natuurlijk niet om op het Geo Gebruikersfestival. Waar het wel om ging waren de vragen die dagvoorzitter Noud Hooyman (ministerie van BZK) in zijn inleiding centraal stelde: Hoe maken wij het gebruik van geo-informatie simpel? En wat kunnen wij voor elkaar doen om het gebruik van geo-informatie te bevorderen? De vragen waren zowel gericht aan de aanbieders van geo-data als aan de eindgebruikers van deze informatie. En tijdens de vele sessies werd op verschillende manieren antwoord gegeven op deze eenvoudige, maar prikkelende vragen.

Gebruik in beeld
Na een warm welkom door Gemma Smid-Marsman van de Provincie Zuid-Holland, liet Noud Hooyman cijfers zien over het PDOK-portaal. ‘Ieder kwartaal 4 miljoen unieke bezoekers.’ ‘4,4 miljard hits tussen 1 januari en 1 oktober 2017.’ De gebruikscijfers van PDOK zijn indrukwekkend. Niet voor niets is PDOK de belichaming van het gebruik van geo-data in Nederland. “Het is goed om dit soort gebruikscijfers af en toe in kaart te brengen”, betoogde Hooyman. “Al is het maar om de resultaten van een flinke, maatschappelijke investering enigszins inzichtelijk te maken.”

Nieuwe uitdagingen
Als PDOK zo succesvol is, en we over een internationaal jaloersmakende infrastructuur voor geo-informatie beschikken, zijn we er dan? Nee, met uitroepteken. Daarover was iedereen het eens. De volgende, grote uitdagingen hebben zich al lang aangediend. De Omgevingswet en het bijbehorende Digitaal Stelsel (DSO), de Basisregistratie Ondergrond, het onderling koppelen van Basisregistraties, 3D… Maar ook, zoals Rob van de Velde (Geonovum) in zijn korte uiteenzetting uitlegde, het vindbaar en geschikt maken van geo-informatie voor internetontwikkelaars. “Op dit moment gaat er veel ontwikkelkracht verloren omdat deze community onze geo-data niet weet te vinden. Laat staan dat ze de data weet te gebruiken.” En wat te doen met gegevens die steeds vaker door burgers worden verzameld? “Door de toenemende beschikbaarheid van sensoren worden we steeds vaker zelf producent van locatiedata. Hoe gaan we om met dit soort data verzameld door burgers, als we merken dat ze bij kunnen dragen aan de oplossing van vraagstukken?”

Scheidswanden
Het samenbrengen van gescheiden werelden dus. Of, zoals Dorine Burmanje (Kadaster) het in haar betoog al had samengevat: “Alles gebeurt wel ergens. Als je dat als uitgangspunt neemt, dan is het vooral de uitdaging om ervoor te zorgen dat activiteiten en ontwikkelingen samenkomen. Daarom is het mijn droom zo veel mogelijk scheidswanden weg te halen, zodat we elkaar vinden en elkaar nóg beter kunnen maken met alle data, kennis en ervaring die we hebben.”

Na de bovenstaande inleidingen was de rest van de dag gereserveerd om ook in de praktijk te werken aan het weghalen van scheidswanden en het uitwisselen van kennis. Dit gebeurde tijdens een groot aantal parallelsessies die grofweg waren in te delen in sessies vóór gebruikers en sessies dóór gebruikers.

Voor gebruikers…
De sessies voor gebruikers van geo-informatie gingen vooral over processen en ontwikkelingen die het eenvoudiger maken om geo-informatie te gebruiken. Praktische hands-on sessies, waarbij o.a. het gebruik van API’s en het werken met 3D-modellen centraal stond, werden afgewisseld met verhelderende presentaties over bijvoorbeeld de vernieuwde manier van terugmelden op de geo-basisregistraties of het nieuwe PDOK-forum. Ruimte voor kritische reflectie was er volop in de presentatie van Frank Verschoor (adviesbureau the Greenland). Hoewel hij zichzelf graag aanjager voor een open overheid noemt, is het publiceren van open data zonder concrete aanleiding volgens hem de meest nutteloze bezigheid die je maar kunt bedenken. “Eerst onderzoeken wat de maatschappelijke vraag is die je wilt beantwoorden, en dan pas zoeken naar de data waarmee je de vraag kunt beantwoorden.”

En door gebruikers
Het gebruik van geo-data gaat niet vanzelf. En vaak kan het helpen om voorbeelden van anderen te zien. Daarom waren er veel verschillende presentaties waarin de praktische toepassing van geo-informatie aan de orde kwam. Van de ‘nattevoetenkaart’ van de gemeente Zwolle tot het gebruik van BGT-gegevens in het MOOR-beheerpakket voor kabels en leidingen. En van de locatiegebaseerde werkwijze van huizenzoekservice Funda tot de levensgrote, geplastificeerde kaarten waarmee Amsterdamse ambtenaren de wijken intrekken om het gesprek over de openbare ruimte te voeren. Stuk voor stuk waren het voorbeelden waarbij kennis, creativiteit en gebruiksgemak centraal stonden.

Gebruik centraal
Als we het gebruik centraal stellen in al onze activiteiten en ontwikkelingen, wat verandert er dan? Voorafgaand aan het Geo Gebruikersfestival was dit een van de centrale vragen. Of deze vraag afdoende beantwoord is, daarover zullen de meningen verschillen. Duidelijk is wel dat het nadenken over het daadwerkelijke gebruik van geo-data helpt om mensen, informatie en processen bij elkaar te brengen. Dat is op zichzelf alweer een belangrijke stap om het gebruik van geo-informatie te bevorderen en wij hopen dat deze dag daaraan heeft bijgedragen.

De presentaties
Heeft u het Geo Gebruikersfestival gemist? Of wilt u een van de sessies nog eens op uw gemak bekijken? Hieronder hebben wij de presentaties voor u op een rijtje gezet. Wij wensen u veel inspiratie en wij begroeten u graag weer op een van onze volgende bijeenkomsten.

 

Gerelateerd nieuws